Zomercursus Napels “Weer in de weer met kunst” (7-13 september 2025)

Van 7 tot 13 september 2025 vond in Napels de zomercursus MediterraNed “Weer in de weer met kunst” plaats. De cursus, georganiseerd door de afdeling Nederlands van de Universiteit “L’Orientale”, werd gefinancierd door de Taalunie en dit jaar aangevuld met een financiële steun van de Vlaamse Vertegenwoordiging in Italië.

Tijdens deze intensieve week kregen 34 studenten afkomstig uit Italië, Portugal, Spanje, Turkije en Zweden, de kans om zich volledig onder te dompelen in een programma waarin taal en kunst op creatieve wijze samenkwamen. Ze volgden dynamische lessen, werkten aan uitdagende opdrachten en namen deel aan inspirerende culturele activiteiten. Dankzij deze interactieve aanpak waren de studenten voortdurend betrokken, wat hun leerervaring verrijkte. Hun taalniveau varieerde van A1+ tot B2 en de leeftijden liepen van 19 tot 55 jaar. Deze diversiteit zorgde voor een stimulerende en veelzijdige leeromgeving.


De cursus vond plaats in de moderne vestiging van de Universiteit “L’Orientale” in Napels, een stad rijk aan kunst en cultuur. Kunst vormde de leidraad voor alle activiteiten. Elke dag begon met een plenaire sessie, waarin studenten op creatieve wijze met de Nederlandse taal aan de slag gingen, vaak met behulp van muziek als speels leermiddel. Vervolgens volgden parallellessen in drie niveaugroepen, waarbij de studenten interactieve workshops en diepgaande analyses van kunst en literatuur volgden. Er vonden ook coachingsessies plaats, die de gelegenheid boden tot reflectie en feedback om het leerproces verder te optimaliseren.

Elke docent gaf op eigen wijze invulling aan het traject. Elisabeth Braem begeleidde de studenten vanuit haar expertise cognitieve taalkunde. Henk Noorland koos voor een speelse en creatieve manier van werken, waarin taalbeleving centraal stond. Franco Paris legde de nadruk op de literaire en culturele context van de Nederlandse taal. Johan Vossen koppelde taal aan kunst en visuele expressie, wat zorgde voor een multidisciplinaire benadering en de gastdocent Marie Jadot benadrukte de samenhang tussen taal, klank en ritme, waardoor literatuur en muziek elkaar aanvulden.


De organisatie was weer in de handen van Luisa Berghout en Annaclaudia Giordano, die alle praktische aspecten coördineerden en de studenten persoonlijk ondersteunden. Een bijzondere rol was weggelegd voor de masterstudent Salvatore Ferace. Als student-assistent fungeerde hij als verbindende schakel tussen docenten en studenten en onderhield vanaf het begin actief contact met de deelnemers.

Culturele uitjes: kunst in actie
Een belangrijk onderdeel van de cursus waren ook dit jaar de culturele uitjes, die telkens uit twee onderdelen bestonden en afgestemd waren op de unieke kenmerken van de locatie.

Bij de Gallerie d’Italia kregen de studenten eerst een voorbereidende les in een prachtige workshopruimte, verzorgd door Salvatore en door onze masterstudent, Luigi Acone. Daarna verkenden ze het museum, op zoek naar werken van landschapsschilders zoals Pitloo en Van Wittel, en leerden ze verbanden te leggen tussen schilderijen en werkelijkheid. Voor studenten met een hoger taalniveau was er een aangepast programma: zij bezochten het museum eerst zelfstandig en gingen vervolgens in gesprek met onze afgestudeerde masterstudente Martina Yuma, waardoor hun interpretatie en discussies werden verdiept.


Het tweede deel vond buiten plaats, op de Piazza del Plebiscito, waar de studenten een specifiek schilderij direct koppelden aan de huidige stedelijke omgeving, een oefening die taalvaardigheid, observatie en discussie stimuleerde. Het museum droeg bij aan het succes van deze ervaring door de masterstudenten vooraf de gelegenheid te geven het gebouw en de collecties te verkennen, en verwelkomde de hele groep op de dag zelf met gratis toegang.

Ook het Museo di Capodimonte bood een leerzame ervaring in twee fasen. De dag begon met een speurtocht door de tuinen, waarbij gemengde groepen studenten van verschillende taalniveaus samenwerkten en zo op speelse wijze observatie en taalvaardigheid ontwikkelden. Daarna kreeg het bezoek een officieel karakter: na een welkomstwoord van een vertegenwoordiger van het museum sprak de Vlaamse Vertegenwoordiger Dries Willems, waarbij de nadruk werd gelegd op de nauwe samenwerking tussen Vlaanderen en Napels en het belang van culturele uitwisseling. De aansluitende interactieve rondleiding door het museum bood studenten de kans kunstwerken vanuit diverse invalshoeken te bespreken en hun taalvaardigheid te verdiepen. Het bezoek eindigde met een feestelijke lunch, aangeboden door de Vlaamse Vertegenwoordiging, waardoor het bezoek aan
Capodimonte niet alleen leerzaam en plezierig was, maar ook een inspirerend en symbolisch moment dat de band tussen de vakgroep Nederlands in Napels en de Vlaamse Vertegenwoordiging in Rome versterkte.

Slotmoment
Het einde van de cursus werd gevierd met een slotmiddag waarop de studenten hun creatieve projecten presenteerden. In kleine groepjes konden zij laten zien wat ze gedurende de week, in nauwe samenwerking met hun medecursisten, hadden ontwikkeld. Dit bood de gelegenheid om hun vaardigheden en creativiteit te tonen en tegelijkertijd de onderlinge banden te versterken.

Voor de docenten en organisatoren vormde dit het tastbare bewijs van de vooruitgang en groei van de studenten. Ook deelnemers met een lager taalniveau wisten hun ideeën om te zetten in een concreet eindproduct en durfden dit in het Nederlands te presenteren. Zo eindigde de zomercursus op een feestelijke, leerzame en onvergetelijke manier, waarin kunst en Nederlandse taal op een inspirerende wijze samenkwamen.


De formele afsluiting van de cursus was de uitreiking van de deelname-certificaten. Dit moment markeerde niet alleen het einde van de week, maar vierde ook de inzet, vooruitgang en creativiteit van alle deelnemers. Elk certificaat stond symbool voor de kennis en de vaardigheden die de studenten tijdens de cursus hadden opgedaan.


Terugkijkend op deze ervaring blijkt overduidelijk dat het bijzondere van deze editie van de zomercursus de sterke band is die tussen de studenten is ontstaan, waardoor leren niet alleen inhoudelijk, maar ook sociaal en cultureel betekenisvol werd. Een speciaal dankwoord gaat uit naar Salvatore, wiens inzet deze verbondenheid mede mogelijk maakte.

Luisa Berghout en Annaclaudia Giordano

Terug